Een terugblik op 70 jaar GP : de Seventies

 

De 17e editie van de A-XOC Bikers'Classics - die doorgaat van 5 tot 7 juli aanstaande - focust zich op een grootse verjaardag : 70 jaar MotoGP. De gelegenheid bij uitstek om de geschiedenis van de GP eens van naderbij te bekijken. Hoofdstuk 3 : de jaren 70.

Net als het einde van de jaren '60, wordt het begin van de jaren zeventig gekenmerkt door de dominantie van één man, Giacomo Agostini, die uiteindelijk in 1974 MV Agusta verlaat voor de Japanse fabrikant Yamaha. Daarop volgen twee nieuwe titels voor Koning Ago: 350cc in 1974 en 500cc in 1975, waarmee zijn totaal op 15 wereldtitels komt, een record dat niet meteen gebroken zal worden ...

De titel in 500cc van 1975 met Yamaha betekent ook een mijlpaal in de geschiedenis van de Grand Prix omdat het alleenheerschap van MV Agusta in de hoogste klasse daarmee tot een eind komt. Tot die tijd had het Italiaanse merk sinds 1956 telkens weer de titel van de constructeurs gewonnen (met uitzondering van 1957 en 1966). Vanaf dan moet MV het stellen met de kruimeltjes die door de Japanse fabrikanten worden achtergelaten.

Toch wagen ook andere merken hun kans, vooral in de lagere categorieën: Bultaco, Kreidler, Morbidelli, maar ook Harley-Davidson. Het wordt vaak vergeten, maar het Amerikaanse merk heeft twee keer het 250cc kampioenschap voor fabrikanten gewonnen (1975 en 1976), met piloot Walter Villa, die ook enkele titels in het kampioenschap van de piloten won vanaf 1974 en de titel in 350cc (1976). Harley was destijds geassocieerd met het Italiaanse merk Aermacchi, wat dit waarschijnlijk verklaart...

De machines worden steeds krachtiger en sneller en bereiken hallucinante snelheden, waardoor de 'oude' circuits steeds gevaarlijker worden voor de piloten, vooral die met vangrails geïnstalleerd voor auto's. In Francorchamps beslist men in september 1976 om een nieuw circuit te bouwen. Het einde van de werken is voorzien voor de Grote Prijs van 1979. Ondertussen klokt Barry Sheene (Suzuki) de snelste rondetijd (in de wedstrijd) van het oude circuit met een gemiddelde snelheid van 220.720 km/h. Een jaar later maakt Johnny Cecotto er 222,362 km/h van tijdens de trainingen... Het nieuwe circuit is op tijd klaar voor de GP van 1979, maar de baan wordt te glad bevonden in de regen en de meeste toppiloten beslissen om niet van start te gaan.

1976 is ook het jaar waarin de Tourist Trophy afscheid moet nemen van de Grand Prix. Het te gevaarlijke 'bergachtige' circuit wordt op de kalender vervangen door Silverstone. De laatste winnaar van de GP van het eiland Man is de Ier Herron op een Yamaha. Hij had de vier rondes van het circuit (bijna 243 kilometer) afgelegd in 1u27'26''80. In die tijd werden races door de band in minder dan een uur gereden...

Voor het eerst, eind jaren zeventig, schittert een Amerikaanse piloot in de top van de wereldhiërarchie. Kenny Roberts onttroont de Britse Barry Sheene (titelhouder in 1976 en 1977) en neemt de leiding in de koninginneklasse tot het begin van de jaren 80 ...